Participatieverordening 2027: waar moet je gemeente zich op voorbereiden?

Burgerparticipatie levert zowel inwoners als gemeenten en andere overheden iets op. De Europese Commissie laat zien dat het bijdraagt aan een efficiënter gebruik van middelen en aan meer transparantie. Het zorgt er ook voor dat alle stemmen meetellen in de besluitvorming en versterkt het vertrouwen in de overheid, doordat inwoners directe invloed krijgen op beslissingen die hun leven raken.

Toch doet lang niet iedereen mee aan het democratische proces. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026 lag de opkomst op ongeveer 53,7% van de kiesgerechtigden. Bijna de helft bleef thuis, terwijl de uitslag direct invloed heeft op de eigen buurt en gemeente.

Dat verklaart waarom er een nieuwe wet is: de Wet versterking participatie op decentraal niveau. Waar participatie vroeger vooral een vrijwillig gebaar van de gemeente was, meestal gericht op het voorbereiden van beleid, verplicht de nieuwe wet je om inwoners ook te betrekken bij de uitvoering en de evaluatie van beleid. En dat op een gestructureerde manier.

In dit artikel lees je wat de Wet versterking participatie op decentraal niveau voor je gemeente betekent en hoe je je voorbereidt vóór de deadline van 1 januari 2027.

In het kort

  • Elke Nederlandse gemeente moet vóór 1 januari 2027 een participatieverordening vaststellen op grond van de Wet versterking participatie op decentraal niveau.
  • De nieuwe verordening vervangt de inspraakverordening en breidt de betrokkenheid van inwoners uit: van het voorbereiden van beleid naar ook de uitvoering en evaluatie ervan.
  • Het uitdaagrecht (Right to Challenge) moet in elke verordening worden vastgelegd. Inwoners krijgen daarmee het wettelijke recht om aan te bieden bepaalde overheidstaken over te nemen.
  • De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft een modelparticipatieverordening en een handreiking gepubliceerd om gemeenten op weg te helpen.
  • Naleving vraagt om aanpassingen in werkprocessen, bestuurscultuur en communicatie.
  • Een bestuursplatform en publieksportaal spelen een praktische rol om participatie zichtbaar, navolgbaar en consistent te maken met andere transparantieverplichtingen, zoals de Wet open overheid (Woo).

Wat de Wet versterking participatie op decentraal niveau vraagt

Onder de Wet versterking participatie op decentraal niveau moeten gemeenten:

  • Een participatieverordening vaststellen. Hierin leg je met heldere kaders en regels vast hoe je inwoners betrekt bij het voorbereiden van beleid, het uitvoeren ervan in de gemeente en het volgen van de voortgang en het succes na invoering. Dat is een verschuiving ten opzichte van de huidige inspraakverordening, die zich alleen richt op de planfase van beleid. Tegelijk geeft het inwoners vooraf duidelijkheid over de mate van invloed die ze hebben.
  • Het uitdaagrecht invoeren. Hiermee kunnen inwoners en maatschappelijke organisaties aanbieden om bepaalde overheidstaken over te nemen als ze denken dat ze het beter, goedkoper of efficiënter kunnen. In je participatieverordening leg je de voorwaarden en procedures hiervoor vast, inclusief hoe je verzoeken behandelt en hoe je taken en de bijbehorende budgetten overdraagt.
  • Transparant zijn. Je moet transparant en voorspelbaar zijn over participatieprocessen. Dat betekent dat je het volgende bepaalt en communiceert vóórdat een participatietraject begint:
    • Het doel: waarom vraag je inwoners om mee te denken?
    • De vorm: welke methoden of instrumenten gebruik je?
    • De invloed: hoeveel weegt de inbreng van inwoners daadwerkelijk mee in het uiteindelijke besluit?

In je participatieverordening maak je duidelijk:

  • Wanneer je participatie inzet
  • Wie er mee kan doen
  • Hoe dat eruitziet (bijvoorbeeld via enquêtes, het uitnodigen van inwoners voor een vergadering of het online betrekken van inwoners)
  • In welke fasen van elk beleidstraject inwoners kunnen meedoen
  • Hoe je inbreng van inwoners verwerkt en hoe je de uitkomsten terugkoppelt
  • Hoe het uitdaagrecht werkt

Je hebt tot 1 januari 2027 om deze onderdelen van de nieuwe wet lokaal in te voeren. Elke gemeente is zelf verantwoordelijk voor het opstellen van haar eigen participatiebeleid, op basis van de lokale situatie en kenmerken.

Wat het uitdaagrecht in de praktijk betekent

Het uitdaagrecht is een vorm van burgerparticipatie waarmee inwoners of maatschappelijke groepen kunnen aanbieden om de uitvoering van een publieke taak over te nemen van de gemeente, de provincie of het waterschap.

Vinden ze dat ze die taak effectiever, efficiënter en voordeliger kunnen uitvoeren, dan kunnen inwoners en groepen dat recht inzetten.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Het onderhoud van een park of groenvoorziening
  • Het beheer van een buurthuis of wijkcentrum
  • Het organiseren van lokaal vervoer

Bepaal goed welke taken zich lenen voor een uitdaging. Misschien wil je gespecialiseerde taken zoals onderwijs of het verstrekken van officiële documenten juist in eigen hand houden.

Het is ook aan jou om de procedurele criteria vast te stellen voor het behandelen en beoordelen van een uitdaging. Denk aan het vragen om een sluitende begroting of het in kaart brengen van de risico's en aansprakelijkheid van de initiatiefnemer. Je bepaalt zelf hoe je projecten financiert die inwoners overnemen, bijvoorbeeld door het oorspronkelijke budget over te dragen of door een subsidie te verstrekken.

Wat de VNG-modelverordening gemeenten biedt

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft een modelparticipatieverordening voor leden gemaakt die je kunt raadplegen bij het opstellen van je eigen verordening. Je hoeft dus niet vanaf nul te beginnen. Je past het model aan op je eigen situatie en gebruikt de handreiking als ondersteuning.

Het model helpt op de volgende manieren:

  • Flexibel, geen one-size-fits-all. Het model is zo opgezet dat gemeenten kunnen kiezen wat past bij hun lokale situatie. Je gebruikt het om een nieuwe verordening te maken of om een bestaande verordening te versterken.
  • Twee varianten voor verschillende niveaus van volwassenheid. Het model komt in twee varianten:
VariantToelichting
Variant 1Biedt een stevige basis voor hoe en wanneer je inwoners betrekt bij het voorbereiden, uitvoeren en evalueren van beleid, inclusief het uitdaagrecht.
Variant 2Gaat verder door doelen en uitgangspunten toe te voegen en door bredere participatie en de ondersteuning van initiatieven van inwoners op te nemen.

Je begint met variant 1 en stapt later over op de uitgebreidere aanpak.

  • Een manier om je voortgang te vergelijken. Je ziet welke gemeenten al een participatieverordening hebben vastgesteld, zodat je je eigen voortgang kunt vergelijken en van anderen kunt leren.
  • Een herinnering dat een verordening niet het hele werk is. Een participatieverordening is meer dan het goedkeuren van een document. Je onderzoekt wat inwoners echt nodig hebben, wat past bij de lokale manier van werken en welke veranderingen nodig zijn in je interne processen. Daarna volgt een plan om een "blijvend andere" manier van werken in te bedden.

De bestuurlijke en operationele gevolgen voor gemeenten

De Wet versterking participatie op decentraal niveau vraagt om een goede samenwerking tussen de raad, het college en de ambtelijke organisatie:

  • De gemeenteraad bepaalt welke vorm van burgerparticipatie nodig is onder de nieuwe verordening en hoe je succes meet.
  • Het college vertaalt die basis vervolgens naar projectplanning en communicatie.
  • De ambtelijke organisatie maakt daarna standaard werkprocessen om inwoners te betrekken, bouwt sjablonen voor communicatie en zorgt voor de verslaglegging om het succes van projecten te volgen.

Het is belangrijk om vanaf het begin beleid te voeren dat inwoners uit alle delen van de samenleving eerlijke toegang geeft tot de trajecten. Leg ook vast hoe je tot beslissingen komt over welke inbreng van inwoners je gebruikt en bewaar daar bewijs van.

Dit vraagt om een cultuurverandering in hoe je besluiten neemt en je projecten volgt. Zo zien inwoners wat er gebeurt en houden ze vertrouwen in het proces, ook als ze het niet eens zijn met de uitkomst.

Deze nieuwe wet staat niet op zichzelf. Je houdt ook rekening met je verplichtingen onder:

  • Woo: Wet open overheid
  • Wdo: Wet digitale overheid

Dat betekent dat je participatieprocessen openbaar gedocumenteerd en navolgbaar moeten zijn, met heldere besluitvormingsverslagen en toegankelijke onderliggende stukken. Met een geïntegreerde, digitale aanpak van bestuur houd je makkelijker een controleerbaar spoor bij en publiceer je de juiste informatie direct, voor meer transparantie en verantwoording.

Praktische stappen vóór 1 januari 2027

  • Bekijk je huidige inspraakverordening en breng in kaart wat je moet aanpassen en toevoegen om aan de nieuwe wet te voldoen.
  • Raadpleeg de modelparticipatieverordening en handreiking van de VNG om een echt uitnodigend participatieproces op te zetten en te begrijpen hoe je dat verwerkt in je beleid.
  • Bepaal welke beleidsterreinen onder het uitdaagrecht vallen en onder welke voorwaarden. Bakent ook de terreinen af waar het niet passend is dat inwoners taken overnemen.
  • Betrek raadsleden, het college en de ambtelijke organisatie bij het vormgeven van de aanpak, zodat iedereen op een consistente manier naar hetzelfde doel toewerkt.
  • Betrek inwoners en maatschappelijke organisaties bij het ontwerpen van de verordening zelf. Zo begrijp je wat ze verwachten en hoe ze het liefst blijvend willen meedoen.
  • Beoordeel welke digitale hulpmiddelen je nodig hebt om je participatie- en betrokkenheidsprocessen zo in te richten dat ze voor zo veel mogelijk inwoners zichtbaar zijn. Je publieksportaal inzetten is de meest transparante manier om dat te bereiken, dus zorg voor een soepele workflow om je belangrijke documenten en informatie openbaar te maken.
  • Stel de definitieve verordening vast via een raadsbesluit vóór de deadline van 1 januari 2027.

Veelgestelde vragen

Wat is de participatieverordening en waarom is die verplicht?

Het is een formele gemeentelijke verordening die vastlegt hoe inwoners worden betrokken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van het gemeentelijk beleid.

Wanneer is de deadline voor gemeenten?

Gemeenten hebben tot 1 januari 2027 om een participatieverordening vast te stellen. De overgangsperiode van twee jaar begon toen de wet op 1 januari 2025 in werking trad.

Geldt de participatieverordening voor alle beleidsterreinen?

De verordening dekt alle beleidsterreinen en is breder dan de vorige inspraakverordening, die zich vooral richtte op de fysieke leefomgeving onder de Omgevingswet. De participatieverordening geldt voor het hele takenpakket van de gemeente.

Welke ondersteuning is er voor gemeenten?

De VNG heeft een modelparticipatieverordening, een bijbehorende handreiking en een kaart ontwikkeld die laat zien welke gemeenten al een verordening hebben vastgesteld. De VNG biedt ook aan om langs te komen in de raadszaal om te helpen bij de invoering.

Hoe verhoudt de participatieverordening zich tot andere transparantiewetten?

De verordening staat naast de Wet open overheid (Woo) en de Wet digitale overheid (Wdo). Samen verplichten deze wetten je om bestuurlijke informatie actief te publiceren en processen digitaal uit te voeren. Daarom is het belangrijk dat je participatie gestructureerd documenteert en openbaar toegankelijk maakt.

Conclusie

De Wet versterking participatie op decentraal niveau betekent dat gemeenten hun beleidsvorming inrichten rondom publieke participatie. Je vraagt inwoners niet alleen om hun mening over wat er moet veranderen, maar betrekt ze ook bij hoe je dat aanpakt en laat ze het succes van die projecten volgen. Dat vraagt om een stevige participatieaanpak die je continu uitvoert. Wees daarbij transparant over je werk, zodat inwoners zien wat er gebeurt, begrijpen waarom het gebeurt en zelfs kunnen ingrijpen waar maatschappelijke groepen een dienst efficiënter en effectiever kunnen uitvoeren. Je publieksportaal is een onmisbaar middel om inwoners toegang te geven tot het werk van de gemeente en om interacties aan te moedigen die je helpen betere diensten op te bouwen.

Versterk burgerparticipatie met iBabs

Met iBabs Publieksportaal, onderdeel van het iBabs-ecosysteem, deel je documenten gestructureerd en geef je inwoners de toegang die ze nodig hebben om mee te doen aan het participatieproces. Alles op één plek, zodat je je inwoners ontzorgt en grip houdt op het proces.

Lees meer over het Publieksportaal

Verder lezen

Gerelateerde blogs

45% van de raadsleden krijgt te maken met agressie: zo bouw je aan een weerbare raad

Bijna de helft van alle gemeenteraadsleden in Nederland heeft te maken gehad met agressie of intimidatie. Dat blijkt uit de Monitor Integriteit en Veiligheid, een landelijk onderzoek onder politieke ambtsdragers. Het gaat om verbale agressie, online bedreigingen, intimidatie, discriminatie en in sommige gevallen zelfs fysiek geweld. Niet incidenteel, maar structureel. Dit cijfer raakt niet alleen...

Waarom het raadsinformatiesysteem de ruggengraat van de lokale democratie is

Nederlandse gemeenteraden verwerken jaarlijks duizenden documenten, van raadsvoorstellen en begrotingsstukken tot ingekomen brieven en moties. Uit de webinarserie "Klaar voor 4 jaar" van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden blijkt dat raadsleden regelmatig een dagmail ontvangen met 40 of meer documenten. Die stroom moet niet alleen beheerd worden, maar ook vindbaar, doorzoekbaar en openbaar toegankelijk zijn...